Ziekteverzuim 334 kinderen (52,0%) zijn in de afgelopen drie maanden minstens één dag in verband met ziekte niet op school gekomen. Het mediane aantal dagen ziekteverzuim van deze kinderen was 4 dagen, spreiding 1 tot 36 dagen (zie Tabel 8 voor het aantal dagen ziekteverzuim per school). Van de kinderen op één school was van slechts één kind het aantal dagen ziekteverzuim in de afgelopen drie maanden bekend. Daarom is deze school buiten beschouwing gelaten in Tabel 8. School Aantal kinderen met â¥1 ziektedag(en) a 15 Mediane aantal ziektedagen (min â max) 1 2 3 4 5 6 7 8 a b (n=76) (n=86)b (n=68)c (n=39)d (n=108)e (n=47)f (n=39)g (n=109)h 63,2% 3,5% 85,3% 59,0% 62,0% 93,6% 74,4% 56,9% 5,5 7,0 4,0 5,0 3,0 3,0 3,0 2,0 (1 â 36) (1 â 14) (1 â 26) (1 â 30) (1 â 15) (1 â 16) (1 â 14) (1 â 16) Tabel 8: Scholen en ziektedagen. = aantal ziektedagen verschilt significant met scholen 2, 3 en 6 (p < 0,05) = aantal ziektedagen verschilt significant met scholen 1, 3, 4, 5, 6, 7 en 8 (alle p < 0,001) c = aantal ziektedagen verschilt significant met scholen 1, 2, 4, 5 en 8 (p < 0,05) d = aantal ziektedagen verschilt significant met scholen 2, 3 en 6 (p < 0,05) e = aantal ziektedagen verschilt significant met scholen 2, 3 en 6 (p < 0,05) f = aantal ziektedagen verschilt significant met scholen 1, 2, 4, 5, 7 en 8 (p < 0,05) g = aantal ziektedagen verschilt significant met scholen 2 en 6 (p < 0,05) h = aantal ziektedagen verschilt significant met scholen 2, 3 en 6 (p < 0,05) Prevalentie ondervoeding en risico op ondervoeding per school De prevalentie acute ondervoeding verschilde niet tussen de scholen (zie Tabel 9). Wat betreft het risico op ondervoeding gemeten met het STRONGkids-instrument zat 2,2% van de kinderen in de hoog risico groep, 38,5% in de matig risico groep en 59,3% in de laag risico groep. Tussen de scholen was er wel variatie in de verschillende risicogroepen (zie Tabel 9). School 1 2 3 4 5 6 7 8 9 Overal a b Acute Chron. onderv. (%) onderv. (%) 0,0 b 1,2 4,4 2,6 3,7 6,4 a 2,6 3,7 2,9 15,8 10,5 8,8 28,2 c 12,0 8,5 d 17,9 14,7 14,3 Onderv. (%) 15,8 11,6 f 13,2 30,8 e 14,8 14,9 20,5 15,6 15,7 Laag risico (%) 51,3 50,0 h 55,9 48,7 64,8 o 57,4 59,0 72,5 g 61,4 59,3 Matig risico (%) 48,7 i 47,7 38,2 46,2 34,3 40,4 41,0 25,7 j 35,7 38,5 Hoog risico (%) 0 2,3 5,9 k 5,1 0,9 2,1 0 1,8 2,9 2,2 Sco-re (med.) 0 0,5 0 1l 0m 0 0 0n 0 KWL (med.) 0,86 s 1,00 0,84 q 0,84 r 0,93 t 0,81p 1,00 1,00 1,00 = hoogste % acute ondervoeding, niet significant = laagste % acute ondervoeding, niet significant c = oogste % chronische ondervoeding, sign. hoger dan op de scholen 2, 3, 5 en 6 h (p = 0,013, p = 0,008, p = 0,022, p = 0,017) d = laagste % chronische ondervoeding, sign. lager dan op school 4 (p < 0,05) e = oogste % ondervoeding in het algemeen, sign. hoger dan op de scholen 2, 3, 5 en 8 h (p = 0,011, p = 0,028, p = 0,034, p = 0,046) f = laagste % ondervoeding in het algemeen, sign. lager dan op school 4 (p < 0,05) g = hoogste % laag risico, sign. hoger dan op de scholen 1, 2, 3 en 4 (p = 0,003, p = 0,001, p = 0,023, p = 0,007) h laagste % laag risico, niet significant = Tabel 9: Ondervoeding, STRONGkidsrisicogroepen en -scores en kwaliteit van leven (KWL) per school. Pagina 20
Pagina 22Voor clubbladen, online mailings en weekbladen zie het Online Touch beheersysteem systeem. Met de mogelijkheid voor een online shop in uw publicaties.
460 Lees publicatie 153Home